Reglement Participatiefonds voor het Primair Onderwijs en de Art. 4:55:2Beëindiging dienstverband
1 In geval van een daling van de rijksbekostiging materiele instandhouding kan op drie data het dienstverband van schoonmaakpersoneel beëindigen: • Het dienstverband wordt niet voortgezet per 1 augustus 2017, of • Het dienstverband wordt niet voortgezet per 1 januari 2018, of • Het dienstverband wordt niet voortgezet per 1 augustus 2018
2 De werkgever overlegt, afhankelijk van de datum waarop het tijdelijk dienstverband niet wordt voortgezet, de vergelijking zoals bepaald in artikel 4:55:3 onder A, B of C:
A. dienstverband wordt niet voortgezet per 1 augustus 2017
1 Indien het dienstverband niet wordt voortgezet per 1 augustus 2017 dan wordt de materiele instandhouding over de jaren 2017 en 2018 vergeleken. De werkgever toont aan dat de daling van de vergoeding per 1 januari 2018 ten opzichte van de vergoeding per 1 januari 2017, inclusief andere dienstverbanden die niet worden voortgezet/beëindigd van schoonmaakpersoneel en natuurlijk verloop, minimaal gelijk is aan de omvang van het dienstverband dat niet wordt voortgezet.
2 De werkgever legt daartoe over een vergelijking over de jaren 2017 en 2018.
3 Tevens overlegt de werkgever een gespecificeerde opgave van de loonkosten van de verwachte omvang van het natuurlijk verloop van schoonmaakpersoneel en de andere dienstverbanden die niet worden voortgezet/beëindigd van schoonmaakpersoneel in een periode vanaf 1 januari 2017 aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
B. dienstverband wordt niet voortgezet per 1 januari 2018
1 Indien het dienstverband niet wordt voortgezet per 1 januari 2018 dan wordt de materiele instandhouding over de jaren 2017 en 2018 vergeleken. De werkgever toont aan dat de daling van de vergoeding per 1 januari 2018 ten opzichte van de vergoeding per 1 januari 2017, inclusief andere dienstverbanden die niet worden voortgezet/beëindigd van schoonmaakpersoneel en natuurlijk verloop, minimaal gelijk is aan de omvang van het dienstverband dat niet wordt voortgezet.
2 De werkgever legt daartoe over een vergelijking over de jaren 2017 en 2018.
3 Tevens overlegt de werkgever een gespecificeerde opgave van de loonkosten van de omvang van het natuurlijk verloop van schoonmaakpersoneel en de andere dienstverbanden die niet worden voortgezet/beëindigd van schoonmaakpersoneel in een periode vanaf 1 januari 2017 aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
C. beëindiging dienstverband per 1 augustus 2018
1 Indien het dienstverband niet wordt voortgezet per 1 augustus 2018 dan wordt de materiele instandhouding over de jaren 2017 en 2018 vergeleken. De werkgever toont aan dat de daling van de vergoeding per 1 januari 2018 ten opzichte van de vergoeding per 1 januari 2017, inclusief andere dienstverbanden die niet worden voortgezet/beëindigd van schoonmaakpersoneel en natuurlijk verloop, minimaal gelijk is aan de omvang van het dienstverband dat niet wordt voortgezet.
2 De werkgever legt daartoe over een vergelijking over de jaren 2017 en 2018.
3 Tevens overlegt de werkgever een gespecificeerde opgave van de loonkosten van de omvang van het natuurlijk verloop van schoonmaakpersoneel en de andere dienstverbanden die niet worden voortgezet/beëindigd van schoonmaakpersoneel in een periode vanaf 1 januari 2018 aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.