Invoeringswet Omgevingswet · Invoeringswet Omgevingswet
Invoeringswet Omgevingswet Art. 4.2(toepassingsbereik afdeling 4.1 besluiten gedoogplicht )
Afdeling 4.1 Algemene overgangsbepalingen lopende procedures besluiten
Deze afdeling is van toepassing op besluiten tot oplegging van een gedoogplicht op grond van of met toepassing van:
a. artikel 5 van de Belemmeringenwet Landsverdediging , b. de Belemmeringenwet Privaatrecht , c. artikel 2.3, elfde lid, van de Crisis- en herstelwet , d. artikel 7 van de Drinkwaterwet , e. de artikelen 9g en 20 van de Elektriciteitswet 1998 , f. artikel 39a van de Gaswet , g. artikel 71 in samenhang met artikel 15, onder b, van de Kernenergiewet , h. artikel 57, eerste en tweede lid, van de Monumentenwet 1988 zoals die wet luidde voor de inwerkingtreding van de Erfgoedwet , i. artikel 5 van de Mijnbouwwet , j. de artikelen 21g, eerste lid, eerste en tweede zin , en 21h, eerste lid, van de Ontgrondingenwet , k. artikel 24, derde lid, van de Spoorwegwet , l. artikel 21 van de Tracéwet , m. artikel 23, eerste lid, van de Uitvoeringswet Nederlands-Duits Grensverdrag , n. artikel 38 van de Warmtewet , o. de artikelen 5.21, eerste lid , 5.22, eerste lid , en 5.24, eerste lid, van de Waterwet , p. artikel 70 van de Wet bodembescherming , q. artikel 7, eerste lid, van de Wet lokaal spoor , r. artikel 60, eerste lid, van de Wet inzake de luchtverontreiniging , s. artikel 3.36a van de Wet ruimtelijke ordening .