Regeling vaststelling gelijkwaardige inspanning decentrale o Art. 2EMU-norm 2019–2022
Het collectieve aandeel van de decentrale overheden gezamenlijk in het EMU-saldo, bedoeld in artikel 3, tweede lid, van de Wet houdbare overheidsfinanciën , wordt als volgt vastgesteld:
a. voor 2019 –0 4 procent van het bruto binnenlands product; b. voor 2020 –0 4 procent van het bruto binnenlands product; c. voor 2021 –0,4 procent van het bruto binnenlands product; d. voor 2022 –0,4 procent van het bruto binnenlands product.