Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming Art. 11Begroting, verantwoording en vertegenwoordigingsbevoegdheid
Paragraaf 2.1 Oprichting en inrichting van de Autoriteit persoonsgegevens
1 De Autoriteit persoonsgegevens stelt jaarlijks voorafgaand aan het desbetreffende begrotingsjaar een ontwerpbegroting op.
2 In de departementale begroting, bedoeld in artikel 2.1, zesde lid, van de Comptabiliteitswet 2016 , kent Onze Minister jaarlijks aan de Autoriteit persoonsgegevens een budget toe ten laste van de rijksbegroting.
3 De Autoriteit persoonsgegevens stelt de begroting vast in overeenstemming met het budget, bedoeld in het tweede lid.
4 De Autoriteit persoonsgegevens wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd door de voorzitter en de andere leden, dan wel door een van hen.
5 De leden stellen een verdeling van taken vast en betrekken hierbij zoveel mogelijk de buitengewone leden.
Historique des modifications
- In werking sinds 2019-01-01