Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige pl Art. 5.2Roken en open vuur
§ 5.1 Voorkomen van brandgevaar en ontwikkeling van brand
1 Het is verboden te roken of open vuur te hebben: a. in een ruimte, bestemd voor de opslag van een brandgevaarlijke stof; b. bij het verrichten van een handeling die het uitstromen van een brandgevaarlijke stof kan veroorzaken; c. bij het vullen van een brandstofreservoir met een brandgevaarlijke stof, of d. op andere gedeelten van de plaats waarvoor dit is aangegeven.
2 Open vuur wordt op een veilige manier toegepast.
3 Het in het eerste lid bedoelde verbod wordt goed zichtbaar aangegeven door het aanbrengen van een gestandaardiseerd symbool overeenkomstig NEN 3011.